Sinds een aantal jaren kennen we quinoa, een pseudograan afkomstig uit Zuid-Amerika. De Andes heeft ons echter nog veel meer te bieden. Naast het uitgebreide aanbod aan aardappelen hebben ze er een regenboog aan andere wortel- en knolgewassen. Zoete aardappel is ons stilaan wel bekend, maar heb je ook al van yacon, oca of mashua gehoord?  

De Andes, een bron van wortel- en knolgewassen voor ons?

Negen knol- en wortelgewassen hebben een economisch en nutritioneel een substantiële waarde voor de landbouwers uit de Andes. Deze wortel- en knolgewassen groeien op grote hoogtes en onder zeer extreme omstandigheden zoals droogte en vorst. Kunnen een aantal van deze gewassen ook voor ons aan betekenis winnen? We zoeken het uit voor zoete aardappel, oca en mashua in onze innovatieve tuin.


Zoete aardappel of bataat (Ipomoea batatas)

We beginnen met een knol die in onze Vlaamse eetcultuur aan belang wint. De zoete aardappel is, ondanks wat zijn naam doet vermoeden, niet nauw verwant aan de gewone aardappel. De zoete aardappel vindt zijn oorsprong in Peru en wordt vooral in de warmere klimaten van Zuid-Amerika geteeld. Door gerichte kruisingen zijn er echter nieuwe variëteiten ontstaan die ook in ons gematigd klimaat tot knolvorming komen, hoewel de zoete aardappel nog altijd een lange periode van warmte nodig heeft om goed te groeien.

Zoete aardappel wordt gepland in de tweede helft van mei. In Vlaanderen heeft hij een groeicyclus van 90 tot 150 dagen, afhankelijk van het ras en de weersomstandigheden. Na de oogst bewaar je de zoete aardappel best nog enkele weken om hem zijn naam eer aan te doen. Het is namelijk tijdens die periode dat de knol suiker vormt, die hem zijn zoete smaak geeft. In bereidingen wordt hij wel zoals de aardappel gebruikt: gekookt, gebakken of zelfs als frietjes.

Bataat.jpg



Oca (Oxalis tuberosa)

Oca of knolklaverzuring is een plant uit de klaverzuring familie. Het is één van de belangrijkste voedingsgewassen, na aardappelen, uit de Andes. Meer zelfs, het is de tweede meest geteelde knol na aardappel. Toch is hij hier nog vrijwel onbekend.

Oca heeft cilindrische knollen van … tot … cm met een kleurenpallet van wit, over oranje en groen tot donkerpaars. Het bezit een hoog gehalte aan eiwitten met een goede verhouding aan aminozuren. Hoewel oca niet veeleisend is, is een goede opbrengst behalen niet evident. De knolvorming start pas als eind oktober, als de dagen korter worden. Een behoorlijke opbrengst aan knollen valt dus enkel te halen door ze zo lang mogelijk te laten staat (eind november) of het groeiseizoen te verlengen door ze in serres te telen.

Na het oogsten is het best om de knollen nog even te laten narijpen, vooraleer ze te consumeren. Dit om het aanwezige oxaalzuur dat voor een bittere smaak zorgt, om te zetten in glucose waardoor de knollen zoeter worden.

Oca.JPG


Mashua (Tropaeolum tuberosum)

Mashua of knolcapucien is van de Andesknollen een met de hoogste opbrengst. Deze kan oplopen tot een 70 ton per hectare! Het gedijt op marginale gronden, ontwikkelt zich snel en gaan succesvol de concurrentie met onkruiden aan. Het gewas werd echter aanschouwd als een voedsel voor de armen, waardoor het zelden op commerciële schaal werd verbouwd. Dit verandert nu langzaam.

De conisch gevormde knollen zijn doorgaans wit, geel, rood of paars. Maar niet enkel de knollen zijn eetbaar, ook de bladeren en de bloemen geven een pittige smaak aan salades. Het is een doorlevend, niet wintervast gewas en is familie van de Oost-Indische kers. De plant maakt ranken die over de grond kruipen of die omhoogslingeren tegen een hekwerk. De ranken worden in tegenstelling tot Oost-Indische kers, zelden langer dan 1,5 meter.

Net zoals bij oca beginnen de knollen pas laat op het jaar te dikken, ook hier is een lang groeiseizoen dus van belang om mooie, grote knollen te kunnen oogsten.

Mashua.JPG

Yacon (Polymnia sonchifolia)

Ten slotte hebben we het nog over yacon of Boliviaanse appelwortel. Het is een verre afstammeling van de zonnebloem. In tegenstelling tot zonnebloem wordt dit gewas niet geteeld voor de zaden, maar voor zijn eetbare knollen. De knollen bevatten veel fructo-oligosacchariden (FOS), dit zijn suikerketens die pas in de dikke darm afgebroken worden. Deze FOS hebben een prebiotische werking, een onverteerbaar ingrediënt dat de groei van gunstige bacteriën in de darm bevordert. Door de beperkte opname in het bloed blijft de bloedsuikerspiegel vrij constant, wat het product heel geschikt maakt voor diabetici.

Het gewas is vrij eenvoudig te telen en heeft nauwelijks last van ziektes. De teelt start vanuit de broedknollen die zich aan de stengelbasis bevinden. Van zodra de kans op vorst voorbij is, kunnende broedknollen in volle veld uitgeplant worden. Bovengronds onderstaat er een vrij forse plant tot wel 2 m hoog, ondergronds groeien er eetknollen. Oogsten is noodzakelijk voor de eerste vorst.

Yacon - Small.jpg

Ben je benieuwd naar het teeltverloop? Aan het einde van het groeiseizoen zullen we de resultaten van dit groeiseizoen beschrijven in een blog. Wens je nu al wat meer info over de teelten dan kan je terecht bij:
 
Veronique De Mey
E veronique.demey@inagro.be
T 051 27 33 90
 
Of
 
Sophie Waegebaert
E sophie.waegebaert@inagro.be
T 051 14 03 30
 
Het project ‘Growing a green future’ is gefinancierd binnen het Interreg V-programma Vlaanderen-Nederland, het grensoverschrijdend samenwerkingsprogramma met financiële steun van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling. Meer info: www.grensregio.eu.  


Logo090519EU.jpg

logobannergagf1319090519.JPG