Op de studienamiddag ‘Onkruidbeheersing in de biologische teelt’ kwamen thema’s als bedrijfsorganisatie, nieuwe mechanisatie, wortelonkruiden en de beheersing van knopkruid aan bod. In dit nieuwsbericht vind je een impressie van de namiddag. De volgende weken gaan we dieper in op de beheersing van knopkruid. Hou de nieuwsbrief dus in de gaten.   

 
Onkruiden in bio de baas met kennis, strategie en techniek

Op 28 februari kwamen zo’n dertig biologische landbouwers samen in Bornem tijdens de ‘Masterclass onkruidbeheersing in biologische landbouw’. Die studienamiddag werd georganiseerd door Bioforum en ondersteund door CCBT en Inagro. 

Biologische onkruidbeheersing vraagt om een strategie
Lieven Delanote (Inagro) startte met een opfrissing van de succesfactoren voor een geslaagde onkruidbeheersing. Dat is in de eerste plaats planning en bedrijfsorganisatie. Je moet je kritisch afvragen of er in het seizoen voldoende capaciteit is om het werk gedaan te krijgen, ook in geval van overmacht. Door performantere mechanisatie is het aantal uren handwerk in veel teelten teruggedrongen. Maar slaag je er door omstandigheden niet in om tijdig mechanisch te bestrijden, dan verhoogt het aantal manuele uren per hectare. Moet je ook het handwerk tijdelijk uitstellen, dan loopt de arbeidstijd snel op.

Een goede voorbereiding voor piekperiodes kan dus veel ellende besparen. Investeringen in efficiëntie en ergonomie helpen. Daarnaast moet je ook keuzes durven maken. Denk bijvoorbeeld aan werk uitbesteden, (tijdelijke) arbeid aantrekken of het teeltplan aanpassen. In de onkruidbestrijding is het vaak de landbouwer zelf die het verschil maakt door te kunnen anticiperen op de bodem- en weersomstandigheden en door tijdig in te grijpen.   

Kleine dingen maken het verschil
Vervolgens gaf Lieven Delanote een stand van zaken rond mechanisatie. Aan de hoogtechnologische kant kennen we al langer de automatische intrarijwieders. Die werktuigen zijn praktijkrijp, maar vooral de kostprijs verhindert een brede toepassing in de praktijk. Aan de andere kant zijn er enkele nieuwe technieken die slim op details inspelen. De precisie-eg bijvoorbeeld is te verkiezen boven de klassieke wiedeg dankzij de scharnierende en geveerde tanden die de bodem precies bewerken. Verschillende merken stelden onlangs een eigen versie van de precisie-eg voor.  

Ook bij de schoffelmachine zit de doeltreffendheid in de details. Kies liever voor kwaliteit (hardheid), benut de winter voor onderhoud en wees kritisch in de afstelling. Meer dan ooit is de schoffelmachine een multitool die met torsiewieders, vingerwieders en andere elementen ook zoveel mogelijk in de rij werkt. RTK-GPS en camerabesturing maken het geheel nog performanter en komen stilaan binnen handbereik, zeker als je lokaal kunt samenwerken om machines te delen.   

Wortelonkruiden gericht aanpakken
Karel Dewaele (Inagro) focuste op de gerichte aanpak van wortelonkruiden: “De beheersingsstrategie kan gebaseerd zijn op ‘verstikken’ met een concurrentiële teelt, ‘uitputten’ door herhaalde bewerkingen en ‘uitroeien’ door werkelijk wortels te verwijderen. Niet elke strategie werkt even goed bij elk wortelonkruid. Ondoordacht te werk gaan kan verspreiding zelfs in de hand werken. Akkerdistel bijvoorbeeld zal opnieuw uitlopen vanop stukjes wortel van 1 cm.”  

Meerjarige maaiweide en herhaalde snijdende bewerkingen, idealiter in het voorjaar, zullen akkerdistel en melkdistel terugzetten. Kweek wordt dan weer best uitgeput en uitgeroeid door rhizomen herhaaldelijk los te maken en uit te drogen of te verzamelen. Volveldse cultivatoren met overlappende messen, de rodweeder en de Kvik-up bewezen op dat vlak al hun nut. In alle gevallen geldt het advies: de volhouder beperkt de schade, en loslaten is verliezen.   

Knopkruid onder het mes
Knopkruid is op veel biologische tuinbouwbedrijven een aanwezig of toenemend probleem. Schoffelen alleen helpt niet. Hoe kunnen we knopkruid dan wel beheersbaar maken? Dat is wat Universiteit Gent, Inagro en ILVO in 2017 onderzochten in het project ‘Knopkruid brongericht aanpakken op biologische groentebedrijven’. In dat eenjarige onderzoeksproject met financiële ondersteuning van de Vlaamse overheid konden de partners de aanwezigheid en het beheer van knopkruid in Vlaanderen in beeld brengen en curatieve ingrepen nader onderzoeken.  

Professor Benny De Cauwer (UGent) presenteerde de resultaten uit het project. Op 39 biologische bedrijven werden 55 percelen bemonsterd en geanalyseerd.    

In bijlage vind je de presentaties. Hou de blogs de komende weken in de gaten. Dan gaan we dieper in op de resultaten en nieuwe kennis uit het knopkruidproject.   

Lees ook:


Gekoppelde thema's & sectoren: Biologische Productie