Recent organiseerden we een aantal demo's omtrent groenbedekkers. Meer dan 300 land- en tuinbouwers namen deel. Ze merkten op hoe belangrijk het is om groenbedekkers in te zaaien en veilig te werken met gewasbeschermingsmiddelen. Met een profielput en aangepaste bandenspanning demonstreerden we ook de impact van machinegewichten op bodemverdichting. In dit nieuwsbericht blikken we terug op de geslaagde studiedagen.

Kan je je groenbedekkers al inwerken?

In dit nieuwsbericht

  1. Hoe kan je mengsels van groenbedekkers samenstellen?
  2. Mag je je groenbedekker al inwerken of maaien?
  3. Hoe kan je bodemverdichting vermijden?
  4. Welke persoonlijke bescherming gebruik je bij het spuiten?
  5. Kan je restwater van het spuittoestel zelf zuiveren?

 

1. Hoe kan je mengsels van groenbedekkers samenstellen?

  • Sterke groeiers - zoals gele mosterd en bladrammenas - maken best een minderheid uit van je mengsel. Probeer de andere component in de samenstelling altijd meer dan 50 % te laten uitmaken van de minimaal aanbevolen zaaidichtheid;
  • In de verschillende rassen van bijvoorbeeld gele mosterd kan er soms meer dan 1 maand verschil zitten in bloeitijdstip (en zaadvorming). Kies dus het juiste ras!

2. Mag je je groenbedekker al inwerken of maaien?

  • Naargelang de landbouwstreek gelden verschillende minimale aanhoudingsperiodes voor vergroening:
    • Polders en Duinen: minstens aanhouden tot en met 15 oktober;
    • Leemstreek: minstens aanhouden tot en met 30 november;
    • Zandleemstreek en andere: minstens aanhouden tot en met 31 januari;
  • Een groenbedekker mag geoogst, gemaaid of begraasd worden na de uiterste datum van de minimale aanhoudingsperiode. Onder strikte voorwaarden kan een groenbedekker of vanggewas ook geoogst, gemaaid of begraasd worden tijdens de aanhoudingsperiode, vermits de groenbedekker voldoende vroeg ingezaaid kan worden, namelijk na een vroege oogst van de hoofdteelt. Zo heeft de groenbedekker de mogelijkheid om zich voldoende te ontwikkelen bij gunstige omstandigheden. Na de oogst van de groenbedekker moet er wel nog voldoende gewas aanwezig blijven, zodat de groenbedekker in staat blijft zijn functies te vervullen, namelijk het zorgen voor:
    • de opname van nutriënten uit het bodemprofiel;
    • het bedekken van de bodem.
  • Groenbedekkers die niet aan bovenstaande voorwaarden kunnen voldoen, mogen - om de zaadvorming te voorkomen - enkel gemaaid of geklepeld worden tijdens de aanhoudingsperiode voor zover de gehele plant niet vernietigd wordt.

201811inwerkenGB.jpg


3. Hoe kan je bodemverdichting vermijden: best banden of rupsen gebruiken?
Bij een aangepaste bandenspanning (lagere bandenspanning op het veld) zal het risico op verdichting verminderen. Bij een lagere bandenspanning komt de band onder lagere druk te staan, waarbij je een ‘rupseffect’ bekomt doordat de band niet uitzet in de breedte maar wel in de lengte.

Met een ‘lagere’ bandenspanning op het veld, boots je een rups na en verminder je verdichting in de bodem. Probeer telkens alvast het totale gewicht in alle omstandigheden zo laag mogelijk te houden. Je bodem zal je er dankbaar voor zijn.

Belangrijk is om altijd de bandenspanningstabel te raadplegen. Zo weet je welke minimale druk per band je mag hanteren. Dat hangt onder meer af van het totale gewicht en de rijsnelheid.

201811bandenafdruk.jpg

Heb je vragen over verdichting? Wil je samen met een adviseur van Inagro gratis de chemische, fysische en biologische aspecten van je bodem nagaan? Contacteer dan Franky Coopman via 051 27 33 45 of via franky.coopman@inagro.be.

 

4. Welke persoonlijke bescherming gebruik je bij het spuiten?
Als je gewasbeschermingsmiddelen gebruikt, is er altijd een risico op acute of chronische toxiciteit voor de gebruiker. Dat risico wordt enerzijds bepaald door de gevareneigenschappen van een middel en anderzijds door de blootstelling. Aan de gevareneigenschappen kan je als gebruiker weinig veranderen, want dat is eigen aan het product. Op de blootstelling heb je daarentegen wél veel invloed. Nitril handschoenen dragen terwijl je de spuitoplossing bereidt, kan de blootstelling bijvoorbeeld verminderen met 85 %! Tijdens de demo toonden we met fluorescerende kleurstof aan in welke mate gewasbeschermingsmiddelen op je lichaam terechtkomen als je de middelen ondoordacht gebruikt.



5. Kan je restwater van het spuittoestel zelf zuiveren?
Als je je spuittoestel reinigt of vult, is er altijd een risico op puntvervuiling. Dat is de voornaamste oorzaak van vervuiling van het oppervlaktewater met gewasbeschermingsmiddelen. Daarom moeten we er de nodige aandacht aan besteden!

De eenvoudigste en goedkoopste manier om je spuittank te reinigen is op het veld. Door de spuitresten verdund over het veld uit te sproeien, vermijd je dat ze in de beek of riolering terechtkomen en daar een grote verontreiniging veroorzaken.

Als je op een verhard oppervlak wil reinigen of vullen moet je het spoelwater opvangen. Daarvoor zijn er heel eenvoudige of meer ingrijpende oplossingen beschikbaar. Het opgevangen spoelwater moet je daarna verwerken in een erkend systeem. Ook daarvoor zijn er voor elke hoeveelheid restwater en prijsklasse mogelijkheden beschikbaar. Denk bijvoorbeeld aan de biofilter, fytobak, Heliosec® en Sentinel®.

Om de druk op de erkenning van fytoproducten te verlichten, is het in ieders belang om puntvervuiling te voorkomen. Met een doordachte aanpak kan je voorkomen dat gewasbeschermingsmiddelen in het oppervlaktewater terechtkomen.

> Bekijk ook de uitgebreide proefveldgids.


Gekoppelde thema's & sectoren: Bodem En Bemesting | Gewasbescherming