In mei en juni deelden we diverse aandachtspunten bij de aankoop van zonnepanelen in een reeks van vier nieuwsberichten. In dit nieuwsbericht zoomen we in op het montagesysteem. Want ieder type dak heeft zijn eigen specificaties. Dat kan een invloed hebben op het rendement, de levensduur en de veiligheid van de zonnepanelen.

Montage van zonnepanelen

Pannendak, metalen dak, golfplaten, zinken dak of plat dak... Ieder type dak heeft zijn eigen specificaties. Dat heeft gevolgen voor de montage van zonnepanelen. Telkens is er een aangepaste steunstructuur nodig: in hout, betof of ijzer. De installateur moet de situatie ter plaatse bekijken om het juiste bevestigingssysteem en -materiaal te kunnen kiezen.

 

Materialen
De gebruikte materialen moeten voor voldoende stevigheid zorgen gedurende de volledige levensduur van het systeem. Hou er rekening mee dat de levensduur van zonnepanelen een stuk langer is dan de afschrijftijd. De verwachte levensduur van zonnepanelen bedraagt zo'n 35 jaar. Daarom kan er best gekozen worden voor onderdelen in inox (geschikt voor buitentoepassingen), zowel voor de bevestigingshaken als voor de bouten.

De rails waarop de panelen bevestigd worden moeten licht zijn en zijn daarom meestal van aluminium. Aluminium is onderhevig aan corrosie, vooral in zilte omstandigheden. Aan de kust kan er bijvoorbeeld geopteerd worden voor geanodiseerd aluminium dat beter bestand is tegen dergelijke omstandigheden. Gewoon aluminium vormt na verloop van tijd een oxidehuid dat tegen verdere corrosie beschermt.

Een ander aandachtspunt is het gebruik van hout. Soms is het nodig om extra hout te gebruiken voor een correcte plaatsing (bijvoorbeeld een extra plank tussen twee steunbenen van het dak, zodat de maximale afstand voor de dakhaken niet overschreden zou worden). Ook dat hout moet voldoen aan de lange levensduur van de gehele montage. Daarom kies je best voor douglas (europese oregon) of oregon.

 

Bevestigingssysteem
Naast de gebruikte materialen speelt de manier van bevestigen een rol. Zo moet je de afstanden tussen twee haken respecteren. De meeste producenten geven een maximumafstand tussen twee steunpunten. Onvoldoende dakhaken kunnen aanleiding geven tot beschadigingen bij stormweer.

De bevestiging moet best gebeuren tot op de draagstructuur. De last van de zonnepanelen mag eigenlijk niet rusten op de dakbedekking, aangezien die geen dragende functie hebben. Er moeten beugels gemaakt worden die de kracht overbrengen op de onderliggende dragende structuur. Soms wordt er geboord in de betonnen kolommen. Dat kan in principe enkel na goedkeuring, aangezien de sterkte van de kolommen aangetast wordt.

Zonnepanelen plaatsen op een plat dak vormt een uitdaging. Meestal werken installateurs met een systeem met ballast om de hellende opbouw te fixeren. Bij de bepaling van de ballast die nodig is voor een stabiel systeem, mag de draagkracht van het dak uiteraard niet overschreden worden. Als je werkt met ballast, moet je ook rekening houden met zowel de dakhuid als de isolatie eronder. De dakhuid moet beschermd worden tegen beschadiging van de montagestructuren en ballast.

De onderliggende isolatie mag niet samendrukbaar zijn, want die zou inzakken door het gebruik van ballast. Dan krijg je plaatselijk stilstaand water. In de winter kan er zich op die plaatsen ijs vormen en kan er beschadiging optreden van de dakhuid. Daarnaast kan het gewicht van de ballast aanleiding geven tot inscheuren van de dakhuid als de onderliggende isolatie samendrukbaar is.

Verder moet er aandacht besteed worden aan de afstand tussen rijen op een plat dak. Het heeft geen enkele zin om twee rijen op een plat dak te plaatsen als de ene rij een groot deel van de tijd in de schaduw van de andere rij staat. Ofwel worden er dan beter minder zonnepanelen geplaatst, ofwel kan je de hellingshoek aanpassen.

 

Bekabeling
Tot slot vormt de montage van de bekabeling nog een aandachtspunt. De stekkers die gebruikt worden in PV-installaties zijn corrosiebestendig. Bij de plaatsing moeten die echter correct aangebracht zijn, zodat de stekkers voldoende dicht zijn.

Kabels worden best opgebonden aan de montagestructuur om beschadiging te voorkomen. Door de wind kunnen de kabels schuren tegen de dakpannen, wat na verloop van tijd duurverliezen kan teweegbrengen. De verbindingsstekkers van de kabels naar de omvormers mogen niet op plaatsen liggen waar ze in stilstaand water kunnen terechtkomen.

 

Herlees de vorige nieuwsberichten

Gekoppelde thema's & sectoren: Energie En Groene Grondstoffen