Al 15 jaar voert Inagro GEP-proeven uit. Sinds het behalen van de GEP-certificering, heeft het proefcentrum fors geïnvesteerd in het onderzoek naar gewasbescherming, zowel op vlak van kennis als technologie. Op vrijdag 2 september kwam een internationaal gezelschap uit de fytowereld bijeen in Beitem om het jubileum te vieren en kennis te maken met de recentste innovaties.

Fytowereld verzamelt in Inagro naar aanleiding van 15 jaar GEP-onderzoek

In 2001 was Inagro een van de eerste onderzoekscentra in Vlaanderen dat een GEP-certificaat behaalde. Sindsdien beoogt het proefcentrum een continue uitbreiding van de kennis en de vaardigheden rond gewasbescherming.

_INA5910_LR.jpgMaar GEP (Good Experimental Practice) betekent ten allen tijde voldoen aan vastgelegde kwaliteitsnormen en internationale richtlijnen. “Bij elk onderzoek garanderen we hoge kwaliteitsstandaarden,” vult afgevaardigd bestuurder Mia Demeulemeester aan. “Ons kwaliteitssysteem voldoet aan de GEP- en EPPO-richtlijnen die Europa oplegt. De procedures ondersteunen onze onderzoekers en technici onder meer in hun planning, de toepassing van technieken en de statistische analyse en rapportage. Die processen worden nauwkeurig bewaakt door onze kwaliteitsmanager.”
 
 
Onderzoek in praktijkomstandigheden
 
De mogelijkheden voor de sector en de proefveldwerking in de verschillende teelten kwam uitgebreid aan bod tijdens de jubileumviering. Zo heeft Inagro 16 ha ter beschikking voor proeven in traditionele landbouw en 12 ha voor biologische landbouw. Daarnaast stellen proefveldhouders in de hele provincie proefvelden ter beschikking, wat onderzoek mogelijk maakt op verschillende bodemtypes.
 
_INA1850_LR.jpgProducenten van gewasbeschermingsmiddelen kloppen dan ook aan bij Inagro: “De proeven die we uitvoeren voor producenten zijn vaak gericht op erkenning van nieuwe gewasbeschermingsmiddelen. Daarbij testen we bijvoorbeeld de werkzaamheid en de selectiviteit van nieuwe herbiciden, fungiciden, insecticiden of plantengroeiregulatoren in een breed scala van gewassen en toepassingstechnieken,” legt Ellen Pauwelyn, coördinator van het kenniscentrum gewasbescherming in Inagro, uit. Zo doet Inagro niet alleen proeven met gewassen in openlucht en in de serre, maar ook in gespecialiseerde teelten, zoals eetbare paddenstoelen of witloof. Naast GEP-proeven worden ook demonstratieproeven en proeven in het kader van onderzoeksprojecten aangelegd.
 
Land- en tuinbouwers hebben op hun beurt baat bij GEP-onderzoek, omdat zo verder gezocht wordt naar nieuwe en betere middelen. Eens de middelen erkend en op de markt gebracht zijn, kan het proefcentrum zijn ervaringen gebruiken in het landbouwadvies.
 
 
Onderzoeksapparatuur voor nieuwe onderzoeksmogelijkheden
 
Zowel in de dagelijkse werking als in het advies naar landbouwers streeft Inagro naar duurzaamheid en betrouwbaarheid. Daarom evolueert ook de onderzoeksapparatuur naar duurzame, objectieve en digitale technologie. Zo zorgen de zelfrijdende tractoren - uitgerust met RTK-GPS - en een netwerk van weerstations voor sterkere kennis in de proeven en in de waarneming- en waarschuwingsmodellen. Daarnaast nam het proefcentrum recent een nieuwe spuitrobot in gebruik.
 
_INA5954_LR.jpg“Aan de hand van die nieuwe spuitrobot kunnen proefveldbespuitingen nog accurater en efficiënter uitgevoerd worden,” gaat Ellen Pauwelyn verder. “De zestien containers met aparte spuitboom maken het mogelijk om verschillende behandelingen in één werkgang en dus onder dezelfde condities te bespuiten. De vrije ruimte onder de machine (1,2 m) laat ons ook toe om hoge gewassen te behandelen.”
 
In de nieuwe groeikamers voert het proefcentrum proeven uit in gecontroleerde omstandigheden. “In die groeikamers kunnen we factoren zoals CO2, relatieve vochtigheid, temperatuur of dag en nacht kunstmatig nabootsen, op maat van de vraag,” licht Ellen Pauwelyn toe. “Sommige proeven worden ook kunstmatig geïnfecteerd met plantenbeschadigers. Die kunnen we opgroeien in ons nieuw labo plantendiagnostiek. Landbouwers kunnen er ook terecht voor diagnose van plantenziekten. Voor specifieke analyses werken we samen met ILVO.”
 
Met de introductie van sensoren, drones en satellieten wil Inagro een stap zetten richting doorgedreven objectieve monitoring. “De implementatie van die technologieën is momenteel in ontwikkeling, maar het belooft alvast veel te betekenen voor de werking van ons onderzoekscentrum,” besluit Mia Demeulemeester.
 
 
Contactpersoon voor inhoudelijke vragen
 
Ellen Pauwelyn
T 051 27 32 90